Codex Studiosorum Bruxellensis

Drie Vrienden

Pagina 133 • Nederlandstalige liederen

John Lundström

Drie vrienden, drie vrienden,

Die gingen eens op zwier

Zij dronken geen water

Zij dronken bier

Één, twee, drei

Luister eens naar mij

Zij dronken geen water

Zij dronken bier.

Bij de volgende refreinen worden de laatste 2 lijnen vervangen door de laatste 2 van de voorgaande strofe.

Zij kozen een kafeeke

Op 't hoekske van de straat

Daar brandde een rood lichteke

Tot 's avonds laat.

Madammeken en tapt er eens

Een goei pintje bier

En roept er eens gauw

Uw schoon dochterken hier.

Da bier da werd geschonken

En z' hemmen het gedronken

Maar da maske da kwam niet

Want ze had een groot verdriet.

Heuren vrijer die had heur

Leed aangedaan

En heur op de koop toe

Op straat laten staan.

Ze zijn er dan met gedrien

Naar da kamerken gegaan

Ze spraken da maske

Zo vriendelijk aan.

Den eerste die zei

Och schreeuw toch niet meer

Een kinderken kopen

Dat doet toch geen zeer.

Den tweede die zei

'k Hem toch zo ne kou

Schuif een beetje op

En ik leg me bij jou.

Da maske da zei

Ge zijt niet goed

Gaat uit mijn bed

Of ik roep ons moe.

Den derde die raakte

Heur zachtekens aan

Toen is er da maske

Al opgestaan.

Ze zijn er dan getrouwd

Al op ne zaterdag

Terwijl er in 't voitureke

Al een kinneke lag.

Sa vrienden, sa vrienden

Voor 't lest ne goeie raad

Drinkt toch geen bier

Als ge naar de maskes gaat.